Het Yogitype toetsenbord 

Oordeel van een ervaringsdeskundige journalist 

Twee jaar geleden ontdekte ik de Yogitype. Omdat ik een ‘veeltyper’ met nek- en schouderklachten ben, was ik een van de eersten die dit verticale toetsenbord uitprobeerde. Sindsdien heb ik aanmerkelijk minder klachten. 

Als journalist ben ik van huis uit de meest ongezonde computergebruiker die je kunt hebben. Ben ik met een tekst bezig, dan werk ik daar uren geconcentreerd aan door. Ik hoor niets, mijn houding ontgaat me en aan pauzes denk ik niet. Die concentratie is goed voor mijn werk, maar niet voor mijn lichaam – temeer omdat ik nekartrose heb. Wanneer ik ‘ontwaak’ uit mijn concentratie heb ik dan ook veel pijn in nek, schouders, rug en armen. Dat wil zeggen: zo was het vroeger, toen ik nog met een liggend toetsenbord werkte. 

 

Geen geforceerde houding 

Sinds ik de Yogitype gebruik heb ik aanmerkelijk minder klachten. Dat komt doordat ik nu automatisch een goede, ontspannen houding heb. Mijn polsen rusten op de steuntjes en mijn armen zijn gebogen in een hoek van 90 graden waardoor mijn rug vanzelf recht is. De enige beweging die ik bij het typen maak is het lichtjes heen en weer gaan van mijn onderarmen en de toetsaanslagen van mijn vingers. De oude draaibeweging van polsen, armen en schouders is niet meer nodig. Kijk maar eens wat er gebeurt bij het typen op een gewoon toetsenbord. Dan moet je de polsen – die bij een ontspannen houding naar binnen zijn gericht – naar beneden draaien. Die draaiing werkt door tot in je schouders. In deze geforceerde houding belast je dus de spieren van armen, schouders en nek. In het begin merk je daar weinig van, want het is maar een lichte draaiing. Maar bij intensief computergebruik kan die houding tot veel klachten leiden. 

 

Kritische noot 

Aan de Yogitype hoeft wat mij betreft weinig te veranderen; ik vind het een aanrader voor iedereen die veel achter de PC zit. Alleen de muis, die bovenaan het toetsenbord zit, is misschien voor verbetering vatbaar. De cursor reageert me te traag op de aansturing door mijn duimen. Ik werk dan ook liever met een losse draadloze muis. 

 

Minder pijn en problemen 

Natuurlijk moet ik mezelf bij het computeren nog steeds in acht nemen – althans dat zóu ik moeten doen: ik zou elk half uur moeten pauzeren. Alleen zit dat nou eenmaal niet in mijn aard. Dus nog steeds werk ik, eenmaal in die concentratieflow, ongemerkt uren door. Maar dat doe ik dan wel in een goede en ontspannen houding. En dat bespaart me veel pijn en problemen.